De schieffel

De Schieffel

Ineens voelt u een harde bult op het pijpbeen van uw paard. Nog nooit eerder opgevallen, maar misschien heeft u er ook niet helemaal goed op gelet? Uw paard loopt goed, is dit dan een schoonheidsfoutje of toch ook een risico?
Er zijn verschillende soorten schieffels die elk hun oorzaak vinden in een uitwendig trauma, zoals zichzelf aantikken, vastliggen of een aanvaring met een ander paard. Het bot en botvlies raakt hiervan geïrriteerd en gaat als reactie meer bot aanmaken, wat voelbaar wordt als een harde bult.
Bevindt de schieffel zich op het pijpbeen zelf, is het vaak van weinig orthopedisch belang. Indien de bult bij aanraking gevoelig is of in de weg zit, kan het wel vervelend zijn en hiervoor kunnen speciale zalven of eventueel een lokale injectie een uitkomst bieden.
Er kan er zich echter wel een orthopedisch probleem voordoen, indien de schieffel zich op het zogenaamde griffelbeen bevindt. Heel vroeger hadden paarden – net zoals wij – 5 tenen. Het paard van nu loopt en staat enkel nog op de middelste teen. De twee aanpalende tenen zijn echter wel in het klein aangelegd, dit noemen we de griffelbeenderen (zie figuur 1). Tussen deze twee griffelbeenderen in ligt de tussenpees (zie figuur 2), een belangrijke pees in het behouden van de conformatie van de kogel.

Rechts figuur 2: De rode kleur geeft aan waar de tussenpees is gelegen.
Links figuur 1: Op het pijpbeen ziet u links en rechts de griffelbeenderen lopen. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Op zijn dunste stuk is het griffelbeen maar zo dun als een saté prikker en kan daardoor bij uitwendig trauma gemakkelijk breken. Omdat het paard niet steunt op de griffelbeenderen hoeft hij hier niet kreupel van te lopen en soms zien wij dit ook toevallig op bijvoorbeeld een aankoopkeuring (zie figuur 3). Echter wanneer er veel beweging of irritatie in het breukvlak zit, reageert ook hier het bot door extra been aan te maken, en zo ontstaat de schieffel van het griffelbeen (zie figuur 4). Zoals hierboven uitgelegd, ligt de belangrijke tussenpees tegen de griffelbeenderen aan en deze pees kan dan ook onder druk komen te staan wanneer de schieffel tegen de pees aan drukt.

Links figuur 3: Fractuur van het griffelbeen. 
Rechts figuur 4: Een duidelijk verdikking van het griffelbeen, zgn schieffel.

Het is van de buitenkant niet altijd makkelijk om te concluderen of de schieffel zich op het pijpbeen of op het griffelbeen bevindt en een röntgenfoto kan hier meer duidelijkheid verschaffen. De lokalisatie van het schieffel is uiteraard van belang, maar ook de activiteit van het bot en de zwelling van de onderhuidse structuren is enigszins te herleiden op deze opname. De dierenarts zal altijd het totaalplaatje bekijken en ook de schieffel onderzoeken op gevoeligheid evenals de aanpalende tussenpees. Graag kijken we ook even of het paard goed loopt en soms is het na de röntgenfoto verstandig dit nog aan te vullen met een echografisch onderzoek van de weke delen, bijvoorbeeld om de pees te bekijken. Wanneer deze door de schieffel geïrriteerd raakt, zal de het gaan zwellen waardoor de ruimte nog kleiner wordt. De schieffel en de tussenpees worden beide groter door de druk van de ander, een vicieuze cirkel.
De behandeling hangt af van de lokalisatie van de schieffel (pijpbeen vs griffelbeen), maar ook de mate van activiteit, eventuele kreupelheid en het wel of niet aanwezig zijn van een open wond. Hoe meer pijnlijkheid en activiteit aanwezig van de schieffel, hoe meer invasief we moeten ingrijpen om alles weer rustig te krijgen. De minst ingrijpende behandeling omvat het lokaal behandelen met een ontstekingsremmende zalf. Wanneer dit onvoldoende resultaat geeft of de klachten van het paard hiervoor teveel aanwezig zijn, kunnen we ook direct rond de schieffel een ontstekingsremmer injecteren. De meest invasieve behandeling bestaat uit het chirurgisch verwijderen van een deel van het griffelbeen (zie figuur 5). Dit laatste gebeurd altijd onder algehele narcose en de paarden en pony’s hebben daar over het algemeen weinig last van en doordat het griffelbeen geen bot is dat gewicht draagt, kunnen we probleemloos zeker twee derde van het griffelbeen weghalen.

Figuur 5: Het griffelbeen na het chirurgisch verwijderen.

 

 

In geval van aanwezigheid van een open wond is er altijd sprake van infectie en kunnen we niet anders dan de wond chirurgisch te behandelen en een deel van het griffelbeen weg te nemen. Dit kan zijn bij acuut trauma, maar ook bij een oudere wond die maar niet dicht wil gaan. Wanneer er sprake is van een open wond is het altijd wat meer gecompliceerd dan wanneer de binnenkant van het been mooi steriel is.
Wanneer u merkt dat een schieffel veranderd of er één opmerkt die er – zover u weet – nog niet was, kan het dus raadzaam zijn extra informatie in te winnen door een klinisch onderzoek uit te voeren en een röntgenfoto te maken. Met de juiste informatie verzameld kunnen wij voor u en uw paard het beste behandelplan uitstippelen. Twijfelt u of heeft u vragen hierover, kunt u natuurlijk altijd even contact met ons opnemen.